De sluitertijd van je camera bepaalt hoe lang het licht op je sensor valt.
Des te korter de sluitertijd des te minder kans je hebt op bewegingsonscherpte.
Staat de sluiter langer open dan zal de kans op beweging drastisch toenemen.
We maken onderscheid tussen twee soorten beweging.
Op de eerste plaats de trilling van je hand/camera. Gedeeltelijk wordt dit op moderne apparatuur tegengegaan door beeldstabilisatie.
Als leidraad is het het beste onderstaande regel aan te houden.
Bij het uit de vrije hand foto’s schieten dient de sluitertijd minimaal 1/ingestelde brandpuntsafstand te zijn. Klinkt vrij wiskundig maar een voorbeeld maakt veel duidelijk. Je fotografeert met een 70-300 lens en je zet je lens op 200. Dan moet je zorgen dat je sluitertijd minimaal 1/200 seconde is. Zoom je verder in tot 300, dan wordt het minimaal 1/300 seconde. Zijn de lichtomstandigheden zodanig dat je niet aan deze sluitersnelheden toekomt, zorg dan voor ondersteuning van je armen en of camera, hekje, prullenbak of wat er maar voorhanden is.
Ook je camera steunen tegen een boom of lantaarnpaal is vaak al voldoende om hem stiller te houden.
De tweede vorm van beweging is die van het te fotograferen object. Een auto die met 200 km per uur langs raast zal met een sluitertijd van 1/300 seconde niet scherp op de foto komen. Voor zulke snelheden zijn kleinere sluitertijden nodig. Je moet dan al gauw denken aan 1/1000 tot 1/2000 seconde om je beeld te “bevriezen”.
Het is aan te raden bij zulke snelle objecten je camera op sluitertijd voorkeuze te zetten.
Op de meeste camera’s heet dat S en bij Canon Tv.
Denk bij hoge snelheden ook maar aan vliegende vogels, die vang je ook haast niet met sluitertijden langer dan 1/1000.
Zaken als over- en onderbelichting, bewuste bewegingsonscherpte, meetrekken en de samenhang tussen diafragma, sluitertijd en ISO komen in een later hoofdstuk aan de orde.
Sommige mensen spelen op safe en zetten de camera altijd in de S stand, maar dan verlies je de grip op de scherptediepte (vorige tip) en dat maakt een foto meestal juist mooi. Later zullen we zien dat we rustig op diafragma stand kunnen fotograferen en dat we met met hulp van de ISO instelling dan zorgen dat de sluitertijd toch kort genoeg is om beweging te voorkomen.
Zelfs mijn foto’s van rally;s en grasbaanraces zijn allemaal geschoten met het toestel op diafragma voorkeuze. Alleen bij vliegende vogels kies ik voor sluitertijd voorkeuze omdat de scherptediepte in die gevallen toch minder belangrijk is want vaak is er toch geen achtergrond (kale lucht).